De Ierse trip.
In de nazomer van 2011 heb ik met Birgit Frederiks ( mijn grote liefde sinds 4,5 jaar) een prachtige trip gemaakt naar het Noorden van Ierland. Het is geen land om te kamperen. Dat doen we meestal in Frankrijk rond mei en juni, maar een land met een rijke historie. Prachtige muziek en een onvergetelijk landschap.
Ik wil u meenemen naar dit eiland met iets over de geschiedenis te vertellen gevolgd door de steden die we hebben aangedaan. De kennis die we hebben genomen van de mentaliteit van de bewoners en hun muzikaliteit. En uiteindelijk te beschrijven welke indruk Ierland op ons heeft gemaakt.
Eire zoals de Ieren hun land noemen is een Europees land dat ongeveer 80% van het gelijknamige eiland beslaat. De overige 20% bevat de staat Noord Ierland dat tot het Verenigd Koninkrijk behoort. Het nationaal symbool is de Keltische Harp welke ook op de Ierse Euromunten staat afgebeeld. Maar ook de klaver ( shamrock) wordt gebruikt als nationaal symbool. Deze wordt ook zichtbaar gedragen op het shirt van het nationale rugbyteam.
Het land heeft een oppervlakte van ruim 70.000 vierkante kilometer. Om u een idee te geven van het verschil met Nederland. Dat telt een oppervlakte van 41.526 vierkante kilometer. Hiermee is Ierland dus ruim groter dan Nederland. In 2011 telde ons land 16.669.112 miljoen inwoners. Ierland daarentegen telde in 2006 een inwoneraantal van 4.239.848 miljoen inwoners. In Ierland hebben ze dus de ruimte en dat is te merken aan de manier waarop men met elkaar omgaat. Men gunt elkaar veel en men is vriendelijk in de omgang met mensen van het vasteland.
Terwijl we in Nederland iedere buitenlander met argusogen bekijken en al gauw bij de Noord Afrikaanse mensen het woord allochtoon in de mond nemen word je in Ierland verwelkomd met de uitdrukking : Céad mile Fáilte ( duizend maal welkom ). Dat geeft een byzonder gevoel en dat gevoel is gebleven in de tijd dat we op het eiland waren.
Halverwege de negentiende eeuw werd Ierland geteisterd door de Grote Hongersnood ( 1845 - 1850). Deze werd veroorzaakt door de aardappelziekte. De aardappel was in Ierland sinds 1800 het voornaamste volksvoedsel, met name voor het arme bevolkingsdeel. Omdat de aardappel op vrijwel elke grond groeide en veel vitamines en voedingswaarde bevatte, was het de hoofdmaaltijd van de mensen. Er volgden verscheidene misoogsten mede door de aardappelziekte. Daarna brak in 1847 de tyfus uit gevolgd door een cholera-epidemie. Gevolg was dat velen stierven. Niet onvermeld mag worden dat de arme Ierse bevolking geen pacht meer kon betalen aan de Engelse pachters. Plus dat Ierse boter en vlees niet voor eigen gebruik was maar dat de Engelse landeigenaren de boter en vlees naar Engeland exporteerden. De adel joeg de niet betalende landeigenaren van hun land of betaalden de overtocht naar Amerika. Miljoenen anderen vluchten ( al dan niet gedwongen) naar Noord Amerika, Australie, Nieuw Zeeland en Groot Brittanië. Voor een bedrag van plm. 4 Pond per persoon ( in die tijd veel geld) kon de overtocht naar de V.S. worden betaald. In het Noord Ierse Graafschap Tyrone in de buurt van het plaatsje Omagh is een Iers-Amerikaans Folkmuseum dat precies weergeeft in wat voor schepen mensen werden vervoerd naar Amerika en onder welke omstandigheden. Ongeveer 10 a 20 % van de personen aan boord overleefden de tocht niet. Men had al niet een goede gezondheid en de overtocht werd gemaakt in schepen die eigenlijk niet geschikt waren voor vervoer van veel personen. In de ruimen waren stapelbedden geplaatst waarin men zeer dicht op elkaar een aantal maanden moest verblijven. Mannen, vrouwen en kinderen hadden geen privacy. Het leven aan boord was hard en het eten schaars.
Het is geen wonder dat de Ieren nooit helemaal enthousiast worden als je over de Engelsen spreekt.
Onze reis begon in Eindhoven waar we vlogen met een charter direct naar Dublin ( ( Baile Atha Cliath ) op z'n Keltisch. Via internet was een auto gehuurd die we konden oppikken op het vliegveld van Dublin. Ons leek een route op een Hop on - hop off- bus de makkelijkste manier om wat van de stad te zien. Tijdens de rit werd er enthousiast door de chaufferurs gesproken over de stad. Zelfs troffen we een chauffeur die prachtig a-capella diverse Ierse liedjes ten gehore bracht. Eén van de vele monumenten is dat van Molly Mallone. Het betreft een beeltenis van een jonge vrouw die overdag mosselen en andere vis verkocht. En, volgens de chauffeur, s' avonds haar eigen mossel verkocht om in haar onderhoud te voorzien. Dublin is een prachtige stad die zeer de moeite waard is om te bezien. De stad ligt halverwege de oostkust van het eiland, aan Dublin Bay, een inham van de Ierse zee en wordt doorsneden door de rivier de Liffey. De stad schijnt gesticht te zijn door de Vikingen in 988. Er wonen meer dan 1 miljoen mensen. De naam komt van 'Dubh Linn', Oud-iers voor zwarte poel of zwart water.
Ook is het zeer de moeite waard een bezoek ( met pint) te brengen aan de Tempelbar, een prachtig groen geschilderde bar in het centrum van Dublin. Temple Bar ( Iers/Gaelisch` Barra an Teampaill' ligt aan een straat en buurt in het centrum van Dublin, die bekend staat om zijn culturele aktiviteiten en uitgaansleven.
Na een paar dagen in Dublin doorgebracht te hebben vervolgden we onze reis naar Monaghan, een plaats min of meer aan de grens met Noord Ierland. De stad is gelegen aan de N2, de weg van Dublin/Noord naar Derry en Letterkenny. In County Monaghan wordt jaarlijks een bluesfestival gehouden.
Na Monaghan reden we naar County Donegal en hebben daar, na een moeizame wandeling de kust bekeken met zijn clifs en uitzicht op de Atlantische oceaan. Je wordt verwend met prachtige vergezichten, ongerepte natuur en glooiende landschappen. Na Donegal vertrokken naar een zuidelijker gedeelte en aangekomen in Sligo ( Iers- Sligeach). Sligeach betekent plaats der schelpen, naar de grote hoeveelheid schelpen die worden afgezet door de rivier de Garavogue.
Na Sligo vertrokken we ( we hadden maar een week) richting Galway dat min of meer op dezelfde hoogte ligt van Dublin. Galway ligt in het westen van Ierland aan de Galway Bay. We veroorloofden ons een uitstapje naar één van de Aran/eilanden, Inishmore. Daar een nacht verbleven omdat we de volgende dag de reis terug naar Dublin moesten maken. Onze week zat er op. De Irish Coffee ( gemaakt van Jameson/whiskey) smaakte uitstekend. Vermeldenswaard is dat bij de ontmoetingen die we met de plaatselijke inwoners hadden kennis hebben kunnen nemen van de vriendelijke sfeer. We hebben diverse pubs gevonden waar zomaar, na het binnenwandelen verschillende mensen de meest gevoelige muziek ten gehoren kunnen brengen. Het viel me op dat ook bij kinderen tussen de 12 en 16 jaar er veel zijn die diverse instrumenten kunnen bespelen. Op mijn vraag of deze dan 3x per week naar een muziekschool gaan werd ontkennend geantwoord. Het muziek maken wordt nl. met de paplepel ingegoten en men geneert zich niet om voor publiek te zingen, dansen of muziek te maken.
Het was een week om nooit meer te vergeten. Voor herhaling vatbaar en een must om het eiland een weekje, of langer, te bezoeken.
Bron/ Wikipedia.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten